Maatschappelijke vraagstukken (maw)

Het analyseren van maatschappelijke vraagstukken met behulp van concepten.

Intro

Probleemanalyse
Het nieuwe programma maatschappijwetenschappen is gebaseerd op de zogeheten concept-context methode. Leerlingen maken zich een aantal concepten eigen uit de sociologie en politicologie, vaak binnen een bepaalde context, waarmee ze vervolgens ook uit de voeten moeten kunnen binnen andere contexten. Een context is binnen het vak maatschappijwetenschappen een maatschappelijke kwestie of ontwikkeling. De concepten zijn onderverdeeld in vier hoofdconcepten: vorming, binding, verhouding en verandering en een aantal kernconcepten die onder de vier genoemde hoofdconcepten vallen. Dus concepten die horen bij vorming zijn bijvoorbeeld cultuur, socialisatie en identiteit.

Naast de concepten die leerlingen zich eigen maken, krijgen ze ook vier sociaalwetenschappelijke paradigma’s aangereikt: rationale actor, sociaal-constructivisme, conflict en functionalisme. Deze paradigma’s helpen leerlingen om vanuit verschillende denkkaders maatschappelijke vraagstukken te begrijpen dan wel standpunten over maatschappelijke vraagstukken te duiden en eventueel ook te bekritiseren.

Wat ik heb ervaren is dat leerlingen doorgaans wel concepten en paradigma’s kunnen herkennen in verschillende contexten, maar dat ze het lastig vinden om de concepten en paradigma’s actief te gebruiken om iets uit te leggen, te beoordelen dan wel om zelf een mening te ontwikkelen.

Rubric
Daarom heb ik een rubric gemaakt met vaardigheden op vier verschillende niveaus: beschrijven, vergelijken, variëren, creëren.

Ik hoop dat leerlingen met behulp van de rubric een beter inzicht krijgen in wat er van ze verwacht wordt en ook dat de rubric ze zal helpen vast te stellen wat ze zelf al wel en wat ze nog niet niet kunnen met concepten en paradigma’s.

Voordat leerlingen aan de slag kunnen met de rubric moeten ze hoofd- en kernconcepten kunnen herkennen in een tekst en kunnen uitleggen waarom bepaalde kernconcepten horen bij de vier hoofdconcepten.  

De rubric kan worden ingezet als hulpmiddel voor het ontwerpen van je lessen. Als leerlingen een bepaalde vaardigheid moeten beheersen, moeten ze daar natuurlijk oefenmateriaal voor aangereikt krijgen. Je kunt de rubric gebruiken om een goede spreiding te maken over concepten en over niveaus van beheersing. Ook kan de rubric gebruikt worden als basis voor een voortgangsgesprek tussen leerling en docent. De derde mogelijkheid is dat leerlingen zelfstandig aan de slag gaan met de rubric en op die manier inzicht krijgen in wat ze al beheersen en waarmee ze nog moeten oefenen.

Belangrijk is het om op te merken is dat het ene niveau niet beter is dan het andere. De leerlingen moeten uiteindelijk alle niveaus beheersen.

Vier lesopdrachten
Bij de rubric heb ik per vaardigheid een opdracht voor in de les gemaakt. Nadat leerlingen een opdracht hebben gemaakt kunnen ze als volgt in de rubric aangeven hoe dat is gegaan:

  • Ik beheers deze vaardigheid nog niet voor dit paradigma of dit hoofdconcept. (-)
  • Ik beheers deze vaardigheid nog niet goed genoeg voor dit paradigma of dit hoofdconcept. (+/-)
  • Ik beheers deze vaardigheid voor dit paradigma of dit hoofdconcept. (+)

Filmpje
Bij de rubric en de lesopdrachten is een filmpje gemaakt. In het filmpje wordt aangegeven wat het doel en het nut is van het vak maatschappijwetenschappen. Het filmpje kan na een paar lessen worden getoond, zodat het voor leerlingen duidelijk is wat er aan het eind van ze wordt verwacht en waar ze dus naar toe werken. Het is ook goed om op een later moment het filmpje nogmaals te laten zien ter opfrissing van het geheugen.

Ik heb gebruik gemaakt van de taxonomie van Bloom (onthouden, begrijpen, toepassen, analyseren, evalueren en creëren) als basis voor mijn rubric. Op basis van interviews met experts (vakgenoten binnen en buiten het Montessori Lyceum Amsterdam) en leerlingen en mijn ervaringen met de rubric tijdens de les, heb ik de vaardigheden in de rubric aangepast.

Voor de inhoud en de doelstellingen van het nieuwe programma maatschappijwetenschappen verwijs ik naar de twee uitgaven van de Commissie Schnabel en de syllabus met de eindtermen van het nieuwe programma.

Schnabel, P., & Meijs, L. (2009). Maatschappijwetenschappen: Vernieuwd examenprogramma. Enschede: Netzodruk.

Schnabel, P., Noordink, H., & Weme, D. (2007). Het vak maatschappijwetenschappen: Voorstel examenprogramma.


Bevorderen van zelfregulatie in de mens- en maatschappijvakken – NRO praktijkgericht onderzoek (40.5.18500.018)
Universiteit van Amsterdam 2020

Maatschappelijke vraagstukken analyseren met MAW-concepten en paradigma’s – Anique ter Welle
Montessori Lyceum Amsterdam

Rubric

Klik op de afbeelding om de rubric te vergroten of download de rubric als pdf

Video

Scaffolds

Beschrijven
Bij deze opdracht oefen je met herkennen van achterliggende hoofdconcepten en paradigma’s bij (geschreven) standpunten. Je leert te beschrijven vanuit welk hoofdconcept en vanuit welk paradigma een opinie is opgebouwd -> download scaffold beschrijven (pdf)

Creëren
Voor deze opdracht breng je een advies uit aan de schoolleiding van je school. Hierin presenteer je, met behulp van je kennis van maatschappijwetenschappen, een uitvoerbaar en realistisch plan om de sociale cohesie tussen leerlingen op school duurzaam te vergroten -> download scaffold creëren (pdf)

Variëren
Bij deze opdracht oefen je met het variëren van hoofdconcepten en paradigma’s aan de hand van nieuwsfoto’s. Je kunt iets zien als een bindingsvraagstuk, maar ook als een verhoudingsvraagstuk bijvoorbeeld. Ook kun je vanuit een verschillend paradigma naar een bepaalde gebeurtenis kijken -> download scaffold variëren (pdf)

Vergelijken
Bij deze opdracht oefen je met herkennen van achterliggende hoofdconcepten en paradigma’s bij (geschreven) verschillende standpunten. Je leert te beschrijven vanuit welk hoofdconcept en vanuit welk paradigma een opinie is opgebouwd en kunt beredeneren dat een ander hoofdconcept en ander paradigma als basis leiden tot een andere opinie -> download scaffold vergelijken (pdf)

Lessen

De lessen zijn bedoeld voor leerlingen die reeds kennis hebben gemaakt met alle paradigma’s en concepten van maatschappijwetenschappen. In mijn geval zijn dat leerlingen in 5 vwo.

Deze of vergelijkbare lessen heb ik zelf gegeven. Elke les past bij een van de vaardigheden van de rubric (beschrijven, vergelijken, variëren en creëren). De lessen passen niet allemaal in 1 lesuur. Vaak gebruikte ik twee lesuren voor een les. Als leerlingen een opdracht moesten inleveren, keek ik die voor de volgende les na en gaf ik ze de opdracht met mijn feedback aan het begin van de les terug. Als er tijd over was, werkten leerlingen zelfstandig aan opdrachten uit hun lesboek.

Op basis van de ingevulde rubric kun je met leerlingen onderwijsleergesprekken voeren waarbij ze kunnen aangeven wat ze al kunnen en wat ze nog lastig vinden aan de paradigma’s, hoofdconcepten en vaardigheden. Overigens kan het verschillen per paradigma bijvoorbeeld wat een leerling daar wel of niet mee kan. Zo bleek voor mijn leerlingen het sociaal-constructivisme paradigma lastiger dan het conflictparadigma.

Ook kun je de rubric gebruiken bij het ontwerpen van je lessen. Komen alle vaardigheden wel aan bod of zijn je lessen vooral gericht op vaardigheden die voorafgaan aan de rubric? (zie informatie voor leerlingen op de achterkant van de rubric) Daar betrapte ik mezelf bijvoorbeeld op.

De lessen zijn bedoeld als voorbeeld en ter inspiratie. Pas ze aan naar eigen inzicht als je dat wilt of bedenk natuurlijk een eigen les om de vaardigheden van de rubric mee te oefenen.

Download de lessen (pdf)

MENU